Column: ‘De Beul van Eefde’

| 04-03-2016

Hij loopt langzaamaan naar de zestig, maar is nog springlevend. Nog één nachtje slapen en het is weer zover. Editie nummer 56 van de Ster van Zwolle. Sorry, de Craft Ster van Zwolle. Misschien jammer die toevoeging, maar commercieel kennelijk noodzakelijk. Alles in ieder geval beter dan een lege Ceintuurbaan en een boek vol herinneringen aan het meest aantrekkelijke wielerevenement in de verre regio.

© Annet van Raalten

Ik heb in een eerdere column al eens mijn ‘liefde’ voor de Ster omschreven. De reclamekaravaan en de VIP-bus met doorgaans het vaste assortiment van bekende Zwollenaren aan boord. De presentatie op het Grote Kerkplein, de eerste schermutselingen na de neutralisatie bij Windesheim, de Lemelerberg en de demarrages in het Sallandse landschap. Met de wind op de kant langs De Lichtmis en het trotseren van de elementen op de dijken tussen Hasselt en Genemuiden en bij Zalk als de bekende scherprechters.

Ik was er als jochie al bij toen Jan Rol uit Alkmaar in 1961 de eerste Ster op zijn naam schreef. Die editie vond plaats op het Veemarktterrein, daar waar een ronde was uitgezet. Je kon over de koppen lopen bij het toenmalige abattoir en de bekende café's zoals De Wijnberg, Van Beek en Hotel Derboven. De wielersport heeft een grote plek in mijn hart. Ik kroop bijna in de distributieradio van mijn ouders als Jan Cottaar en later Theo Koomen verslag deden van de Tour de France. Mannen als Charlie Gaul, Jacques Anquetil, Felice Gimondi, Andre Darrigade en klimgeit Federico Bahamontes, bijgenaamd ‘De Adelaar van Toledo’.

Bijnamen in de sport, ze zijn er altijd, vooral in de wielrennerij. Eddy Merkx was ‘De Kannibaal’, Raymond Poulidor ‘Poupou’ en Bernard Hinault ‘De Das’. Jacques Anquetil heette ‘Monseigneur Chrono’ door zijn fenomenale tijdritten en de Italiaan Gino Bartali ‘De Monnik’ vanwege zijn intense beleving van het katholieke geloof. Dichter bij huis had je ‘De Kneet’, ‘Boogie’ en veel eerder de uit Brabantse klei geboetseerde Wim van Est die als ‘De Knoest’ door het leven ging.

© Annet van Raalten

Bij de winnaars van de Ster van Zwolle is er maar een bescheiden lijstje van coureurs met een bijnaam. De blonde winnaar van de Ster van 1965, Harrie Steevens, had als koosnaampje ’De witte Raaf’. Piet Hoekstra (1976) werd tot ‘De Leeuw van Dokkum’ en ‘Grutte Pier’ gebombardeerd. De enige buitenlandse renner die ooit de Ster won was in 1994 de Belg Marc Wauters, bijgenaamd ‘De Soldaat’. En sprinter Jans Koerts, die in 1991 zegevierde, stond bekend als ‘De Beul van Eefde’.

Een winnaar met een bijzonder verhaal. Koerts was later vanaf 1992 prof bij PDM en onder meer actief voor de Mercury-formatie, Rabobank en Cofidis. In augustus 2005 kwam er een abrupt einde aan zijn profloopbaan, nadat hij in Portugal tijdens de Trofeo Joaquim Agostinho zijn fiets met een hoge snelheid tegen een huis parkeerde na een gemiste bocht. Twee gebroken enkels, een bekkenbreuk en een meervoudige en gecompliceerde beenbreuk vormden de trieste balans.

In 2007 pakte hij, uitgerekend in de Ster van Zwolle, na een lange revalidatie zijn carrière weer op, als amateur. 37 Jaar jong en nog even fanatiek. “Ik heb in 2006 door die ellende nog geen wedstrijd kunnen koersen. Ik ben gelukkig weer langzaam op de weg terug”, vertelde hij me vlak voor zijn comeback. Koerts moest uiteindelijk tussen Ommen en Nieuwleusen lossen uit een kopgroep. In juli van hetzelfde jaar bekende hij publiekelijk in de Avondetappe bij Mart Smeets epo-gebruik in zijn periode als prof. Het was een steen in de vijver. Er zouden er nadien velen volgen. Maar zijn openhartigheid kende een hoge prijs. Het wielermetier keerde zich van hem af na zijn dappere ontboezeming. ‘De Beul van Eefde’ stopte niet lang daarna. Wat resteert zijn de herinneringen en een imposant palmares. De titel bij het NK 2001, diverse aansprekende etappe- en klassieker-zeges, maar bovenal natuurlijk die mooie overwinning precies 25 jaar geleden in de Ster. De Ster die altijd zal stralen.

Harry Bouwhuis

© Hans Smit - Zwolleinbeeld.nl

Harry Bouwhuis is als sportjournalist werkzaam voor onder meer De Stentor en De Swollenaer. Daarnaast maakt hij sport-items voor RTV Zoo. In 2006 stelde hij, met Michiel van Peppel, de succesvolle documentaire ‘Zwolse Strijd’ samen. In 2008 portretteerde Bouwhuis, met beeldend kunstenaar Henk Heideveld, bekende PEC-voetballers in het boek ‘Eregalerij’. Recenter leverde hij onder meer een bijdrage aan de verhalenbundel ‘Oost West, verhalen uit de Kop van Overijssel’ en werkte hij mee aan het boek ‘De finale van ‘77’. Hierin wordt de legendarische bekerfinale tussen PEC Zwolle en FC Twente in 1977 gereconstrueerd. Harry Bouwhuis verzorgt tweewekelijks een column voor Sportief Zwolle.

Wielrennen, Ster van Zwolle, Columns, Harry Bouwhuis


Deel deze pagina:

Gerelateerd nieuws